Symmetrie > Puntsymmetrie
123456Puntsymmetrie

Antwoorden van de opgaven

Opgave V1
a

Nee.

b

Op het eerste gezicht niet. Maar het gaat dan niet om spiegelen in een lijn.

c

Het beeld van de bovenste helft wordt over het middelpunt van de kaart gedraaid.

Opgave 1
Opgave 2

een cirkel

Opgave 3
a
b
Opgave 4
a

`A'(text(-)3,2)`
`B'(text(-)5,0)`
`C'(text(-)1,text(-)4)`

b

`A'(3, 6)`
`B' = C(1, 4)`
`C' = B(5, 0)`

c

`A'(7, 2)`
`B' = B(5, 0)`
`C'(9, text(-)4)`

Opgave 5
a

Omdat punt `F` het beeld van `A` is, enzovoort.

b

punt `(1; 1,5)`

c

`K(3, 4)`
`L(1, 4)`
`M(0, 2)`
`N(3, 1)`

Opgave 6
Opgave 7

`A^ (′) (3, 4 )`
`B^ (′) (1 , 2 )`
`C^ (′) (5 , text(-)1 )`

Opgave 8
a

`A_(1) (text(-)1 ,4 )`
`A_ (1) (0,5 ;7 )`

b

`A_1 (5 ; 0 )`
`A_1 (6,5 ; 3 )`

Opgave 9
a
b

Het beeldpunt is `C` .

c

Het punt `D (0, 0)` .

d
Opgave 10
a
b
c
Opgave 11
Opgave 12
Opgave 13

`A^ (′) (0 , 5 )` , `B^ (′) (text(-)3, 3 )` en `C^ (′) (1 , 1 )` .

Opgave 14
a

Zie c.

b

Zie c.

c
Opgave 15

Je vindt `P ( 0 , 1 )` .

Opgave 16
a

Dat die gelijk zijn.

b

Dat die gelijk zijn.

c

Dat die elkaar doormidden delen.

d

Een vlieger is niet puntsymmetrisch.

Opgave 17
a

De beeldpunten zijn `A^ (′) ( text(-)2 , 2 )` , `B^ (′) ( text(-)4 , text(-)2 )` , `C^ (′) (text(-)2 , text(-)3 )` en `D^ (′) ( 0 , text(-)2 )` . Zie figuur bij b.

b

De beeldpunten zijn `A^ (″) ( 4, 8 )` , `B^ (″) (2,4 )` , `C^ (″) (4,3)` en `D^ (″) ( 6,4 )` .

Opgave 18

Puntsymmetrisch zijn (van het lettertype Arial) de letters H, I, N, O, S, X, Z. Lijnsymmetrisch zijn (tussen haakjes het aantal symmetrieassen): A(1), B(1), C(1), D(1), E(1), H(2), I(2), M(1), O(2), T(1), U(1), V(1), W(1), X(2) en Y(1).

Opgave 19

`16/52` deel oftewel `4/13` deel.

verder | terug