Symmetrie > Lijnsymmetrie
123456Lijnsymmetrie

Voorbeeld 3

Je ziet een punt `A(a, b)` in het assenstelsel.
`A` wordt gespiegeld in de `y` -as.
`A_1` is het beeldpunt van `A` .

Met de schuifbalkjes kun je punt `A` verplaatsen. Ook kun je de spiegellijn verplaatsen.

Ga na dat bij spiegeling in de `y` -as, het beeldpunt van elk punt `A(a, b)` gelijk is aan `A_1 (text(-)a, b)` .

Opgave 11

Gebruik de applet in het voorbeeld. Stel in `p=0` .

a

Welke lijn is nu de spiegellijn?

b

Welke coördinaten heeft het beeldpunt van `A(3, 2 )` ?

c

Welke coördinaten heeft het beeldpunt  van `A(1,5 ; text(-)1)` ?

d

Welke coördinaten heeft het beeldpunt van `A(a, b)` ? Controleer dit voor meerdere waarden van `a` en `b` .

Opgave 12

Gebruik de applet in het voorbeeld. Stel in `p=2` .

a

Welke lijn is nu de spiegellijn?

b

Welke coördinaten heeft het beeldpunt van `A(3, 2)` ?

c

Welke coördinaten heeft het beeldpunt  van `A(text(1,5); text(-)1)` ?

Opgave 13

Teken zelf een assenstelsel zoals in het voorbeeld. Neem eerst de `x` -as als spiegellijn.

a

Welke coördinaten heeft het beeldpunt van `A(3 , 2 )` ?

b

Welke coördinaten heeft het beeldpunt  van `B(text(1,5); text(-)1 )` ?

c

Welke coördinaten heeft het beeldpunt van `A(a, b)` ? Controleer dit voor meerdere waarden van `a` en `b` .

Opgave 14

Teken een assenstelsel zoals in het voorbeeld. Neem de roosterlijn door de punten `(0 , 3 )` en `(5 , 3 )` als spiegellijn.

a

Welke coördinaten heeft het beeldpunt van `A(3 , 2 )` ?

b

Welke coördinaten heeft het beeldpunt van `B(text(1,5); text(-)1 )` ?

verder | terug